Is een buitenlands accent erg?

Over fonetiek en verstaanbaarheid

Over de auteur

Johanneke Caspers (1960) is universitair docent Moderne Taalkunde en Tweedetaalverwerving bij het Leiden University Centre for Linguistics. Zij geeft colleges […]
Lees verder

We kennen allemaal wel een voorbeeld van Engels met een Frans accent: The pheune is ringingue. Zo spreekt Peter Sellers als inspector Clouseau in de beroemde Pink Panther-films. In die films is zeker sprake van communicatieproblemen als gevolg van uitspraakverschillen, maar is dat in het normale leven ook zo?

Door Johanneke Caspers.

Stel je twee personen voor. De een spreekt Nederlands met een Chinees accent, de ander spreekt Nederlands met een Frans accent. Allebei hebben ze even lang en op dezelfde manier Nederlands geleerd. Is de een moeilijker te verstaan dan de ander? Het antwoord is: nee, ze zijn allebei even goed te verstaan. Behalve als ze combinaties van fouten maken in hun uitspraak, want dan is de Chinese spreker ineens veel slechter te verstaan dan de Franse spreker. Hoe komt dat? Het vakgebied dat zich bezighoudt met de studie van gesproken taal is de fonetiek. Beoefenaars hiervan zijn fonetici. Fonetici kijken allereerst naar de uitspraak van de klanken waaruit woorden worden opgebouwd. Ze letten bijvoorbeeld op het verschil tussen een harde en een zachte g, of tussen een lange en een korte a. Maar ze kijken ook naar de uitspraak op een hoger niveau, van woorden en hele zinnen. Wat is er nou te bestuderen aan de uitspraak van bijvoorbeeld woorden?

KlemTOON

Nederlandse woorden goed uitspreken is niet alleen een kwestie van de juiste klinkers en medeklinkers produceren, maar ook een kwestie van het leggen van de klemtoon op de juiste lettergreep. In het Nederlands kennen we het verschijnsel woordklemtoon. Dat betekent dat alle meerlettergrepige woorden een lettergreep hebben die bij het uitspreken ervan sterker wordt benadrukt dan de andere. We zeggen WEduwe, met de klemtoon op de eerste lettergreep, en niet weDUwe. Welke lettergreep in een woord de klemtoon krijgt, kun je opzoeken in een goed woordenboek. Als jehet Nederlands fatsoenlijk wilt uitspreken, moet je ook weten waar de klemtoon hoort. Sprekers van het Nederlands als tweede taal maken soms fouten in het plaatsen van de klemtoon, vooral als die op een onvoorspelbare plek in het woord valt, zoals in het woord weduwe. Voor een groot deel van de Nederlandse woorden geldt overigens dat de plek van de klemtoon tamelijk onvoorspelbaar is. Dat leidt ertoe dat ook veel moedertaalsprekers ‘fouten’ maken in woorden zoals catalogus en incognito. Dikke kans dat over vijftig jaar iedereen cataLOgus en incogNIto zegt in plaats van caTAlogus en inCOGnito, maar dat terzijde.

Invloed van de moedertaal

Iedereen kent wel iemand die heel goed is in het nadoen van een buitenlands accent, bijvoorbeeld Nederlands op z’n Frans. Als je die spraak heel precies zou gaan beluisteren, hoor je dingen als: de i van bijvoorbeeld ‘ik’ die wordt uitgesproken als een ie (iek), de r die klinkt als een soort g (fogtuin in plaats van fortuin), en het weglaten van de n aan het eind van een woord en het nasaal uitspreken van de klinker ervoor (balkõ in plaats van balkon). Dit zijn meteen ook voorbeelden van de manier waarop de uitspraak van de moedertaal (als dat bijvoorbeeld Frans is) de uitspraak van een tweede taal (in dit geval het Nederlands) kan beïnvloeden. Uit onderzoek naar tweedetaalverwerving blijkt de invloed van de moedertaal op het leren van een andere taal, zeker als je dat als volwassene doet. En vooral de uitspraak laat sporen zien van de taal die iemand als kind heeft geleerd. Vaak is goed te horen of iemand het Nederlands als moedertaal heeft geleerd, of als tweede taal. Een buitenlands accent is vrijwel onvermijdelijk, maar is dat erg? Tast dat accent de verstaanbaarheid van de spreker aan?

Experimenteel onderzoek

Fonetici geloven iets pas als het is aangetoond in een experiment. Je kunt wel iets vinden of denken, maar het is pas waar als je het echt hebt gemeten. Dus zijn er experimenten gedaan om te bepalen of een buitenlands accent de verstaanbaarheid van sprekers aantast. Daarbij werd het effect van verschillende uitspraakaspecten getest: fouten in de uitspraak van klinkers of medeklinkers (balak in plaats van barak), fouten in de plaats van de klemtoon (FLUweel in plaats van fluWEEL), een combinatie van een klankfout en een klemtoonfout (WIEnares in plaats van winnaRES) en woorden waarin er geen sprake was van een klankfout of een klemtoonfout. Wat moesten de (Nederlandse) proefpersonen doen? Zij kregen woorden te horen die uitgesproken werden door Chinese en Franse sprekers van het Nederlands. Vervolgens moesten ze de mate van buitenlands accent aangeven op een schaal van 1 tot 10: van helemaal geen buitenlands accent tot een heel sterk buitenlands accent. Maar aan die informatie heb je als foneticus niet genoeg. Je moet daar ter controle ook woorden tussen stoppen die uitgesproken zijn door moedertaalsprekers van het Nederlands. Daarnaast moet je nagaan hoe verstaanbaar de woorden precies zijn. Je kunt dat doen door de luisteraars te vragen elk woord dat ze horen op te schrijven. Als ze een woord niet verstaan, kunnen ze het ook niet goed opschrijven – daarmee heb je een maat voor de verstaanbaarheid.

Buitenlandse klanken

Uit de experimenten blijkt dat de woorden zonder fouten allemaal uitstekend te verstaan zijn, of ze nou door Franse of door Chinese sprekers worden uitgesproken. Wel vinden luisteraars de woorden van de Chinese sprekers een stuk ‘buitenlandser’ klinken dan die van de Franse sprekers. De verschillen in de verstaanbaarheid zitten vooral in de woorden met een combinatie van klank- en klemtoonfouten: de ‘fouten’ van de Chinese sprekers zijn voor Nederlanders veel lastiger dan die van Franse sprekers. Hoe kan dat?

Een mogelijke verklaring is dat de Chinese uitspraak van de Nederlandse woorden net iets meer afwijkt van het Nederlands dan de Franse uitspraak. En dat een combinatie van dat basisaccent met een opeenstapeling van fouten daarom leidt tot een plotselinge afname van de verstaanbaarheid. Het kan daarnaast ook zijn dat wij meer gewend zijn aan een Frans accent en dat we er daarom beter ‘doorheen’ kunnen luisteren.

Tast een buitenlands accent de verstaanbaarheid aan? Daar kun je dus niet zomaar ja op zeggen. Wel lijkt het verstandig om in het taalonderwijs aandacht te besteden aan een goede uitspraak van klinkers en medeklinkers én aan de woordklemtoon, om in elk geval de combinatie van fouten in beide zoveel mogelijk te voorkomen.

Lees meer

Mag ik u tutoyeren? Aanspreekvormen in Nederland (2004) van Hanny Vermaas is een heel toegankelijk boek over aanspreekvormen. Fred Weerman (2003) schreef Een mooie verhaal. Veranderingen in uitgangen, in ‘Waar gaat het Nederlands naartoe?’ Panorama van een taal. Samengesteld door Jan Stroop, verschenen bij Uitgeverij Bert Bakker.



Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

Voor je verder gaat even bewijzen dat je mens bent.

Typ hiernaast de eerste drie letters van het alfabet


sluit